Raymond Verheijen laat al jaren gevraagd en ongevraagd zijn licht schijnen over hoe men spelers fit moet krijgen en houden. Inmiddels claimt hij dat hij na het onderzoeken van 27.000 wedstrijden wetenschappelijk bewijs heeft dat een speler 96 uur rust moet hebben om optimaal te kunnen presteren. Onder andere Feyenoord heeft die rust door het donderdag-zondag programma niet. Verheijen geeft hier in gesprek met Voetbal International extra uitleg over.
"Feyenoord speelt komende zondag uit tegen FC Groningen. Stel dat we aannemen dat Feyenoord daar in de afgelopen tien jaar zeven keer heeft gewonnen, zonder daarvóór op donderdag te hebben gespeeld. Dan heb je komende zondag zeventig procent kans te winnen, om het simpel te maken. Nu spelen ze op donderdag, dus hebben ze veertig procent minder kans de normale prestatie te leveren. Dus winnen ze vier van de tien keer – na 72 uur rust – in plaats van zeven van de tien – na 96 uur of meer rust'', zo concludeert Verheijen. ''Feyenoord kan dus zondag nog steeds winnen, maar de kans daarop is kleiner. De Feyenoord-spelers zullen honderd procent zeker in Groningen met onvolledige energievoorraden het veld op stappen."
Verheijen weet ook een eerste stap in de goede richting om dit soort problemen in de toekomst te voorkomen. "Het minste wat je kan doen, is met elkaar afspreken geen toppers te spelen in een weekend na Europese duels. De topclubs gaan dan onderlinge wedstrijden in zonder vermoeidheid. Waardoor de omstandigheden gelijk zijn en het niveau stijgt.''
Werkwijze Arne Slot
Ondanks de intensiteit waarmee Feyenoord voetbalt heeft het team opvallend weinig te maken met blessures. Arne Slot legt uit hoe de oplossing in de voorbereiding lag: "We moesten fysiek snel stappen maken en tegelijkertijd goed zijn als team. Ik heb graag fysieke trainers die mij niet 'vandaag doen we acht keer vijftig seconden dit of dat' vertellen. Nee, ze moeten aangeven wat ze in grote lijnen willen, dan verzin ik de vormen erbij."
Zo werkte Slot al bij AZ "Daarvóór was het vooral Verheijen dat gangbaar was, die denkwijze kreeg je ook tijdens de cursus. De methode van Verheijen kent voor de fysieke opbouw steeds een cyclus van een aantal weken. Op zich niks mis mee, maar bij AZ deden ze het anders en letten ze op de gesprinte meters boven twintig kilometer per uur. Ik heb die filosofie geadopteerd, omdat we bij AZ vrijwel nooit blessures hadden en uit data bleek dat we iedere wedstrijd fitter waren en meer liepen dan onze tegenstanders."
Blessures zijn nooit helemaal uit te sluiten. "Je hebt soms te maken met contactblessures, daaraan kan niemand iets doen. Wat meehelpt, is dat we steeds beter worden in balbezit. Zodoende zijn we in staat veel van onze tegenstanders achter óns te laten aanlopen gedurende de wedstrijd en zorgt ervoor dat we ons behalve fit vóélen, er ook zo uitzien."
Place comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments