Pakweg drie jaar geleden was hij de zwakste schakel van Feyenoord, maar nu is André Bahia (26) samen met Ron Vlaar het slot op de deur bij de Rotterdammers. Aan de vooravond van de kwartfinale van het bekertoernooi tegen PSV legt Sp!ts de ‘Rots van Rio’ zeven stellingen voor.
Bahia heeft er geen trek in om de vragen van zijn bezoek in het Nederlands te beantwoorden. Persvoorlichter Gido Vader schuift aan als tolk, tot grote verbazing van Bahia’s ploeggenoten die één voor één voorbijlopen in het perscafé van De Kuip. Kevin Hofland: “Kom op André, praat gewoon Nederlands. Normaal spreek je het toch ook vloeiend?”
Dit interview had ik in het Nederlands moeten doen.
,,Eigenlijk wel. Maar ik wil graag op details ingaan en dat is in het Nederlands nog te moeilijk voor mij. Ik ben bang dat ik dingen niet goed kan uitleggen. Met mijn ploeggenoten spreek ik wel Nederlands, maar voor jou moet dit interview ook leuk en goed zijn. Dat lukt niet als mijn antwoorden kort zijn, omdat ik het Nederlands bepaalde dingen nog niet uitgebreid kan uitleggen.”
Ik mis Rio de Janeiro nog elke dag.
“Ja, natuurlijk mis ik de stad waar ik vandaan kom, maar ik ben niet iemand die elke dag zit te denken hoeveel ik Rio mis. Ik voel me heel erg thuis in Rotterdam, ken de weg inmiddels goed. Bovendien heb ik hier mijn vrouw en zoontje. En nu zijn mijn ouders er toevallig. Ze moesten vanwege de kou wel even slikken, want in Brazilië is het momenteel zo’n 40 graden. Mijn vader is altijd verbaasd dat hier geen gaten in de weg zitten en mijn moeder vindt het wonderlijk hoe alles zo goed is geregeld in Nederland. Iedereen draagt netjes belasting af, zodat de mensen min of meer een gelijkwaardig leven kunnen leiden. Toch ben ik blij dat ik twee keer per jaar op vakantie kan, uiteraard naar Rio.”
Ik voel me momenteel beter dan ooit bij Feyenoord.
“Ik speel hier nu vijfenhalf seizoen, maar ik heb pas sinds vorig seizoen écht vertrouwen. Het is moeilijk om te zeggen wat precies het omslagpunt was. Op een gegeven moment zat ik goed in mijn vel én kreeg ik veel vertrouwen van mijn ploeggenoten, de technische staf en de fans. Het is niet zo dat ik me voor die tijd ongelukkig voelde. Het is toch logisch dat iemand moet wennen in een compleet nieuwe omgeving? Ik had daarvoor binnen het veld wat meer tijd nodig dan buiten het veld. Toen supporters Braziliaanse vlaggen en spandoeken voor me begonnen op te hangen, kreeg ik een extra boost en nóg meer vertrouwen.”
We houden vaak de nul, maar tegen grote ploegen krijgen we wél veel treffers tegen. Blijkbaar zijn we nog niet goed genoeg om ook tegen die clubs de nul te houden.
“Dat ben ik niet met je eens. Ik vind dat we evenveel kwaliteit hebben als PSV en Ajax. Wedstrijden tegen deze ploegen worden op details beslist. Tegen Ajax kregen we eerst een doelpunt tegen en daarna gelijk een rode kaart. Met elf tegen elf hadden we echt niet met 5-1 verloren. En tegen PSV was niemand van ons goed, terwijl wij het juist van het collectief moeten hebben. Tegen AZ hebben we het prima gedaan en tegen FC Twente speelden we één helft heel goed. De tweede helft was minder, maar we hebben laten zien dat we het kunnen. Dat moeten we nu ook tegen PSV en Ajax gaan doen.”
Dankzij mijn vader kan ik zo goed koppen.
“Haha, dat klopt. Ik ben dankzij hem opgegroeid in een sportcultuur. Als oud-bokser gebruikte hij altijd zo’n zware medicijnbal. Ik moest dezelfde oefeningen doen als hij en daarna hing hij die bal van 20 kilo op en moest ik koppen. Het was loodzwaar. In mijn eerste seizoenen bij Feyenoord kreeg ik bij hoekschoppen en vrije trappen meer ruimte om met mijn hoofd te scoren. Nu houden tegenstanders me meer in de gaten. Maar ik ben het met je eens als je zegt dat ik desondanks meer zou moeten scoren.”
Ik was best een beetje jaloers toen Bert van Marwijk zei dat het hem goed zou uitkomen als de Braziliaanse Twenteverdediger Douglas Nederlander zou worden.
“Nee joh, ben je gek. Het is toch prachtig dat de bondscoach van een ander land dat over een Braziliaan zegt? Mijn grote droom is ooit voor het nationale elftal van Brazilië uit te komen. Ik zal en moet die droom uit laten komen, ook al is het tijdens een oefenwedstrijdje tegen Libië of zo. Als er iets over Seleção op televisie is, vraagt mijn vrouw altijd wanneer ik daar nou eens onderdeel van ga uitmaken. Als ik nu een kans zou krijgen, ben ik er klaar voor. Maar er moeten wel heel erg veel spelers geblesseerd raken, wil ik een kans op het WK in Zuid-Afrika maken. Na dat toernooi zal er van alles veranderen binnen de ploeg en wordt de kans voor mij waarschijnlijk iets groter.”
Dankzo Lazovic is bij PSV de irritantste spits om tegen te spelen.
“Danko maakt op een intelligente manier gebruik van de mazen in de wet. Als er een hoge voorzet wordt gegeven en iedereen naar de bal kijkt, geeft hij snel een duwtje in de rug zodat de scheidsrechter het niet ziet. Daar is hij erg goed in. Daar moet ik als verdediger van leren en me er tegen wapenen door bijvoorbeeld zélf dat duwtje te geven. Ook Ola Toivonen en Danny Koevermans zijn goede spitsen, op hun eigen manier. Maar ik heb geen voorkeur tegen wie ik speel. Het wordt sowieso een lastige uitwedstrijd, maar als we winnen is de kans weer iets groter dat ik voor de tweede keer in mijn carrière met de KNVB-beker in mijn handen sta.”
Place comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments