De jonkies van Feyenoord zijn zelfs tot het Nederlands elftal doorgedrongen. Maar wat als je als talent net buiten de rood-witte boot valt en nu met Excelsior twaalfde staat in de Jupiler League?
Transferperiode
Hij werd wel even wakker, maar sliep daarna weer rustig verder. „Wie belt me in hemelsnaam om 07:00 uur? Ik ga nu écht niet opnemen”, vroeg Elvis Manu zich af op vrijdag 31 augustus, de laatste dag van de transferperiode. Geluid uit en ogen dicht. Twee uur later zag hij een handvol gemiste oproepen op het scherm van zijn telefoon staan. Zijn zaakwaarnemer en Martin van Geel hadden hem blijkbaar nodig.
Of hij zo snel mogelijk naar het kantoor van de technisch directeur van Feyenoord wilde komen, was de boodschap. Daar moest de jonge flankaanvaller de papieren voor een verhuurperiode van één seizoen aan Excelsior in orde maken. Van Geel had Graziano Pellè gestrikt, waardoor Guyon Fernandez voortaan als vleugelspeler zou worden beschouwd en er geen plek meer was voor Manu. Een grote teleurstelling aan het begin van het voetbaljaar, in groot contrast met het eind van vorig seizoen.
’One of the boys’
Toen schoot de in Dordrecht geboren aanvaller tegen Heerenveen met een weergaloos doelpunt Feyenoord naar de tweede plaats en dus ook naar de voorronde van de Champions League. Als ’one of the boys’ vierde Manu met de rest van de selectie en Het Legioen groot feest in De Kuip. Een onvergetelijke ervaring voor een talent dat pas sinds de winterstop met de selectie meetrainde.
In de voorbereiding op het huidige seizoen mocht hij wederom aansluiten bij de equipe van Ronald Koeman. Manu kreeg veel speeltijd en werd zelfs topscorer van de oefenwedstrijden. „Ik had het idee dat ik me behoorlijk had gepresenteerd, maar helaas werd dat niet beloond met waar ik op had gehoopt. Tijdens de eerste serieuze oefenpot tegen Real Mallorca zat ik op de tribune en dat gold ook voor de thuiswedstrijden in de voorronde van de Champions League. En toen de selectie naar Kiev en Praag reisde, zat ik thuis. Het zag er naar uit dat ik onderdeel zou blijven van de selectie, maar dat ik op maandagavond met Jong Feyenoord/Excelsior mijn wedstrijden moest spelen. Uiteindelijk werd ik dus verhuurd en daar was ik op zich wel blij mee, want hier bij Excelsior ligt het niveau hoger dan bij Jong Feyenoord/Excelsior.”
Niet jaloers
Toch moet het lastig voor hem zijn dat de jongens met wie hij samen vanuit de jeugd naar het eerste doorstroomde, wél hun minuten meepikken in de hoofdmacht. Van jaloezie is echter geen sprake, zegt Manu die met het gedegradeerde Excelsior de twaalfde plek van de Jupiler League bezet. „Ik heb wekelijks contact met die jongens. Samen met Matthew Steenvoorden en Jean-Paul Boëtius heb ik met hen de afspraak gemaakt dat we ooit met z’n allen tegelijk in de basis van Feyenoord 1 staan. We hebben in de jeugd met elkaar samengespeeld en ooit zal De Kuip van ons zijn. Dat tweederde van het eerste elftal nu uit jonge spelers bestaat, is voor ons allemaal een enorme stimulans. De jeugd krijgt een kans; kijk maar naar Jordy Clasie, Bruno Martins Indi en Kongolo. Vooral voor Bruno vind ik het geweldig dat hij nu in het Nederlands elftal zit; met hem heb ik ook samengespeeld in de jeugd.” Dan gekscherend: „Lang leve de crisis. Van mij mag ’ie nog even duren.”
Boëtius
Hij laat de naam van Boëtius vallen. Vanwege blessures bij Sekou Cissé en Ruben Schaken krijgt de nog maar 18-jarige speler uit de A1 hoogstwaarschijnlijk de mogelijkheid zich onder Koeman te bewijzen. Als Manu niet naar het kleine broertje uit Rotterdam-Kralingen was vertrokken, had hij nu wellicht zijn kans kunnen grijpen. „Toen ik zag dat er twee buitenspelers geblesseerd waren geraakt, schoot die gedachte wel eventjes door mijn hoofd. Maar zoiets kun je van tevoren nooit weten natuurlijk. Ik zit nu bij Excelsior en ik kan me hier prima ontwikkelen. Vooral fysiek is het behoorlijk aanpoten in de Jupiler League, omdat het spel heel erg op en neer gaat. Tijdens mijn debuut tegen Fortuna Sittard viel ik zelfs uit met kramp. Bij Feyenoord maakten wij altijd het spel en hadden we de overhand. Hier moest ik ineens achter mijn tegenstander aan. Dat was ik niet gewend.”
Ambiance
Dat gold ook voor de ambiance. In plaats van een bomvolle Kuip of een uitwedstrijd in een stadion met minimaal 20.000 toeschouwers, acteert hij nu op Woudestein voor zo’n 2200 liefhebbers. „Ik debuteerde voor Feyenoord in de uitwedstrijd bij PSV; dat is wel even wat anders dan een duel in de Jupiler League. Ik heb even aan het grote werk mogen ruiken, maar ik wil meer. Dan moet ik mezelf wel eerst bij Excelsior ontwikkelen en bewijzen, anders komt het er sowieso niet van. Laatst speelden we met Excelsior een oefenwedstrijd tegen Feyenoord en toen sprak ik kort met Koeman. Hij zei dat hij tevreden over me is en dat ik deze lijn moet doortrekken. Daar doe ik alles aan, want ik wil elke week de catacomben uit komen, het lawaai van de Feyenoordsupporters horen en mooie wedstrijden spelen.”
Place comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments